Ridderkerks Dagblad | Het gouden lijntje

Het gouden lijntje

mainImage

Afgelopen week zag ik dat er begonnen werd met de aanleg van het gouden lijntje op het Koningsplein. De led-verlichting was al eerder geplaats, nu waren dan de glazuur gele stenen aan de beurt. Dit lijntje, met een mooi woord “Desire Lines” genoemd, moet de loop van de Blaakwetering aangegeven.

De led-verlichting is zichtbaar zodra de schemering invalt, in de lente en zomer zal dit tussen 21.30 en 22.00 uur zijn. Mag ik dan mijn vraagtekens zetten bij de gedachte dat Desire Lines het Koningsplein zal verlevendigen? Heel eerlijk gezegd vond ik het meer weg hebben van een modderstroompje op de Veluwe.

Zou B&W echt denken dat dit lijntje en het Historisch hart van Ridderkerk, het dagtoerisme richting Ridderkerk, zoals in het coalitieakkoord staat vermeld, gaat bevorderen? Het blijft dan ook nog altijd vreemd dat de betreffende wethouder, Henk van Os, de wens van het BIZ, de horeca en het burgerinitiatief Waterornament niet wenst te honoreren. Hij blijft vasthouden aan een waterornament op het Sint Jorisplein, wat door hem wordt gezien als het bruisend hart van Ridderkerk. Zeker nu de horeca het moeilijk heeft vanwege corona zou een handreiking van de wethouder, met nota bene economie in zijn portefeuille, op zijn plaats zijn. Of heeft de wethouder beloftes gedaan aan de ondernemers op het Sint Jorisplein?

In juni is er, als het goed gaat, weer een vergadering van de gemeenteraad. In juni mag er immers weer met 30 personen, op de bekende afstand van elkaar, bijeen worden gekomen. De raadszaal zal lastig worden, maar in het theater is, mijns inziens, voldoende ruimte aanwezig om, met wat technische aanpassingen, aldaar tijdelijk raadsvergaderingen te houden. Dan kan het plaatsen van het waterornament op de agenda worden gezet. Ik ben heel benieuwd of de Ridderkerkse politiek dan nog altijd achter hun eerdere uitingen over het waterornament op het Koningsplein zal staan.

ChristenUnie-voorman Robert Kooiman zal er vermoedelijk geen voorstander van zijn. In het laatst gehouden Politiekcafé bij de lokale omroep hoorde ik hem een denigrerende opmerking maken over het Burgerinitiatief Waterornament, wat slechts een paar handtekeningen (1100) zou hebben opgehaald. Kooiman vond het burgerinitiatief met betrekking tot de basisschool de Botter door Stichting Buurtbelang Drievliet een voorbeeld van burger/overheid participatie.

Deze stichting werd in 2016 opgericht door vijf betrokken burgers die wilden voorkomen dat in de school jonge mannelijke vluchtelingen zouden worden geplaats. Dit werd niet wenselijk gevonden in deze kinderrijke buurt. Voor alle duidelijkheid, ik kan mij geheel vinden in de achterliggende gedachte van deze stichting. Maar ik ben ook van mening dat Robert Kooiman appels met peren aan het vergelijken was.

Een paar weken terug was er een optreden van zangeres Belinda in de binnentuin van het wooncomplex Vondelparck. Op zich mag je dit best een leuk burgerinitiatief noemen, zeker voor de ouderen die daar woonachtig zijn en al een tijdje weinig vertier hadden gehad. Echter, een wooncomplex met zowel koop- als huurwoningen heeft een Vereniging van Eigenaren. De verhuurder van de huurwoningen is net als de overige kopers lid van de VVE. Dan gelden er regels, vaak zijn deze vastgelegd in statuten en eventueel in een Huishoudelijk Reglement, waar zowel kopers als huurders zich aan dienen te houden.

Om te voorkomen dat iedereen op eigen houtje iets gaat organiseren, is het normaal dat je het bestuur vooraf toestemming vraagt. Of dit gebeurd is betwijfel ik, gelet op reacties. Ik heb begrepen dat zowel onze burgemeester als de wijkregisseur centrum in dit wooncomplex wonen. En dat de wijkregisseur niet bepaald gecharmeerd was van het gebodene muzikale amusement.

Als bewoner, in het complex, had hij zijn beklag kunnen en moeten doen bij het bestuur van de VvE in plaats van zelf de handhavers en politie op de organisatie af te sturen, zoals ik las. In deze situatie heeft de wijkregisseur zijn functie misbruikt, wat niet bepaald bevorderlijk zal zijn voor het toekomstige woonplezier.

In de column van burgemeester Attema van deze week las ik dat zij verboden zou hebben om op Dodenherdenking bloemen of kransen te leggen. Ik vraag mij af op welke gronden dit door haar is gedaan. In de Algemene Plaatselijke Verordening en de noodverordening staat hier niets over vermeld. In de noodverordening staat geschreven dat er geen samenkomsten mogen zijn. 

Door het Nationaal 4 en 5 mei comité is opgeroepen om thuis te herdenken en deze oproep is door de burgemeester overgenomen. Het betrof dus een advies van het comité en geen verbod.

In deze noodsituatie had, het college van B&W, moeten besluiten om, in alle beslotenheid, namens alle Ridderkerkers een krans te leggen, ook dan herdenk je samen.

Helemaal niets doen is en blijft een zwaktebod.