Omdat burgemeester Aboutaleb eind vorig jaar - in antwoord op vragen van Leefbaar Rotterdam - handhaving van het boerkaverbod ‘’geen prioriteit’’ vond, heeft raadslid Hoogwerf de vraag herhaald nu het verbod op gezichtsbedekkende kleding per 1 augustus daadwerkelijk van kracht wordt in overheidsgebouwen, openbaar vervoer, zorg- en onderwijsinstellingen.
‘’Het blijft voor veel ongekozen gezagsdragers erg moeilijk om zich neer te leggen bij deze democratische wetgeving’’, aldus Hoogwerf in een verklarende uitleg.
‘’De situatie is inmiddels van kwaad tot erger geworden’’, voegt ze eraan toe. ‘’Zo lieten de Rotterdamse ziekenhuizen evenals de RET weten het boerkaverbod links te laten liggen. Nog veel ernstiger is echter dat de politie op haar officiële Twitteraccount liet weten dat boerkadraagsters die weigeren het boerkaverbod te eerbiedigen gewoon buiten het bureau geholpen zullen worden.’’
Tanya Hoogwerf refereert hier het voorval met de wijkagent in Spangen, die onder het motto #wijkagentvaniedereen wetgeving ‘’aan zijn laars meent te kunnen lappen’’. Hij wordt hierbij van harte gesteund door de islam-partij Nida. De Rotterdamse PVV maakt op zijn beurt een grap van de kwestie en is op zijn site een enquête begonnen met als thema: ‘’Is een fietsende boerka een gevaar op de weg.’’
‘’Het is stuitend dat deze wet nog vóór de inwerkingtreding al aan alle kanten wordt ondermijnd door de personen die juist dienen toe te zien op het naleven ervan’’, vindt Hoogwerf in haar actuele brief aan Aboutaleb, die verantwoordelijk is voor het gezag in Rotterdam. Kardinale vraag daarin is of hij de mening van Leefbaar deelt dat ‘’het niet handhaven zeer schadelijk is en het vertrouwen in de rechtstaat ondermijnt.’’